Logo Universiteit Utrecht

Science & Fiction

Actueel

Pak de uitgestoken hand

Directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), prof. dr. Kim Putters reflecteerde naar aanleiding van de film Pride (Matthew Warchus, 2014) op de kloof in de samenleving. Onderstaande tekst is een licht bewerkte versie van zijn inleiding op de slotavond van de filmreeks Science & Fiction: Mind the Gap en het opinieartikel voor FD dat hij ervan maakte.

Wegkijken in vrijheid is erger dan andere mensen achterstellen

Iedereen heeft het recht om zichzelf te kunnen zijn. Tolerantie en vrijheid zijn daarbij belangrijke randvoorwaarden. Nederland behoort gelukkig tot de Europese landen die het meest positief over homo- of biseksualiteit denken. Ik moest daaraan denken toen ik afgelopen week opnieuw naar de film Pride keek. Deze film, gemaakt in 2014, speelt zich af in het Verenigd Koninkrijk van de jaren tachtig.

De film is gebaseerd op het waar gebeurde verhaal dat tijdens de Londense Gay Pride een groep homoseksuele activisten besloot om geld op te halen voor de mijnwerkers die staakten tegen de door Margaret Thatcher voorgenomen sluiting van de mijnen. Ze zaten zonder inkomen, maar zagen steun van de homo’s helemaal niet zitten. Het beeld van homo’s was ronduit negatief. Hoe is dat vandaag de dag?

Meer problemen voor LHBT’ers op de werkvloer

Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat in 2006 nog 15% van de Nederlanders negatief was, maar dat dit daalde tot 7% in 2016. De houding is positiever geworden ten aanzien van lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders (LHBT). Dat geldt ook in groepen die van oudsher negatiever over homoseksualiteit denken, zoals ouderen en gelovigen. Er zijn maar weinig verschillen in leefstijl. Het wordt steeds gelijker.
Desondanks hebben sommige Nederlanders problemen met van alles en nog wat. Bijvoorbeeld met twee zoenende mannen of vrouwen op straat. Dat wordt nog altijd als meer aanstootgevend ervaren dan een zoenend heterostel. Tot een derde van de bevolking vindt dat niet om aan te zien. Ten aanzien van de mogelijkheid om kinderen te adopteren zijn Nederlanders ook sterk verdeeld en in de openbare ruimte voelen LHBT’ers zich vaker dan hetero’s onveilig door gewelddadig gedrag in hun richting.

Kijken we naar ervaringen op de werkvloer dan ervaren LHBT’ers ook meer problemen dan hetero’s. Dat blijkt bijvoorbeeld uit intimidatie door collega`s en de burn-out verschijnselen die dat veroorzaakt. Onder biseksuelen zijn die problemen overigens het grootst. Zij worden gepest, omdat ze ‘geen keuzes zouden kunnen maken’ en niet betrouwbaar zouden zijn.

Transgenders hebben de lastigste positie, alhoewel ook dat beeld positiever wordt. Het zijn van transgender lijkt vriendschappen niet echt meer in de weg te staan, hoewel 25% van de bevolking wel vindt dat er iets mis is met mensen die zich geen man of vrouw voelen. Bijna de helft van alle Nederlanders wil bovendien dat ze bij een eerste ontmoeting vertellen of er sprake is van een man of een vrouw. Velen vinden ook dat transgenders de geslachtsaanpassende operaties maar zelf moeten betalen. Kortom, de tolerantie naar transgenders is fragiel.

Religie speelt tot slot ook een belangrijke rol. Nederlandse kerkgangers zijn gemiddeld negatiever naar LHBT’ers, maar ook dat is afgenomen tot 40%. Niet-westerse migranten, vaak moslims, hebben de grootste problemen met LHBT’ers. Onder de Somaliërs, Marokkanen en Turken vindt slechts een kwart tot een derde van die groepen het homohuwelijk een goede zaak. De rest dus niet. De ouders vinden het een groot probleem als hun kind een partner van dezelfde sekse zou hebben. Van de autochtone Nederlanders vindt 83% het homohuwelijk prima.

Vrijheid moet je voorleven

Alhoewel velen vinden dat iedereen het leven moet leiden zoals men dat wil, zijn dit nog harde cijfers. Het stemt niet echt vrolijk, indachtig het huidige tijdsgewricht met culturele en religieuze spanningen. Het blijft daarbij opvallend dat groepen die zelf achterstelling (hebben) ervaren dit anderen ook aandoen.

De Londense homo’s lieten zich in 1984 echter niet in de hoek zetten en brachten het opgehaalde geld zelf naar Wales. Een helpende hand in een grimmige sfeer. Je loopt risico als niemand die uitgestoken hand wil aannemen. Maar risico’s moeten genomen worden om vrij te kunnen leven. En de aanhouder wint. Een jaar later liepen de mijnwerkers mee in de Londense Gay Pride, voorop, om steun te betuigen aan gelijke rechten voor homo’s.
Tijdens onze Gay Pride wordt ook weer aandacht gevraagd voor gelijke rechten voor LHBT’ers. De Marokkaanse boot staat inmiddels symbool voor een samenleving die vooruit wil. Vrijheid wordt opnieuw bevochten met het risico van de uitgestoken hand. Vrije mensen mogen niet wegkijken. Dat is erger dan iemand achterstellen. Vrijheid moet je voorleven. Pak die hand.